De VRAAG is NIET: Wie ben IK, maar: WIE wil IK WORDEN... 

Auteur: 

  • Jo Van Loock
EDDIS
01/07/22

Vrijdag PSYCHOLOGIE

Roos van Leary

Wat is het?
We kunnen ons kapot ergeren aan een dominante baas, een klagend familielid of een vriendin die nooit een standpunt durft in te nemen. Toch hebben we daarin zelf ook een aandeel. De Roos van Leary, ontwikkeld door Harvard-psycholoog Timothy Leary, geeft inzicht in de – soms moeilijke – interacties tussen mensen. Ook al hebben we de neiging de schuld bij de ander te leggen, er is altijd sprake van een wisselwerking: het gedrag van de een roept een reactie op bij de ander.

De interactiecirkel helpt bij het analyseren van je eigen en andermans gedrag, en geeft handvatten om irritaties en botsingen te voorkomen en op te lossen. Als de een zich anders opstelt, gaat de ander zich vanzelf anders gedragen.   

Wat is het?

De Roos van Leary bestaat uit twee assen: de DOMINANTE-AS en de NABIJHEIDS-AS. De bovenste helft van de cirkel staat voor dominantie, de onderste helft voor volgzaamheid. Rechts zitten mensen die – op dat moment, of meestal – neigen naar samenwerking; links de mensen die meer gericht zijn op de taak dan op een goede samenwerking. Door de assen te combineren ontstaan acht verschillende gedragsneigingenmengvormen van dominantie en nabijheid. In de binnenste cirkel is het gedrag van iemand nog prettig, maar hoe dichter bij de buitenrand, hoe extremer en lastiger mensen worden. Zo nemen dominante types die gericht zijn op samenwerking (rechtsboven) graag de leiding. Maar in extreme gevallen trekken ze alle aandacht naar zich toe of regelen ze alles voor iedereen.

Het uitgangspunt van psycholoog Timothy Leary is dat het gedrag van de ene persoon een bepaalde reactie oproept bij de andere. Dominant gedrag roept automatisch volgzaam gedrag op. Ben je in gezelschap van een aanwezige prater, dan schiet je al snel in de zwijg- en luistermodus. Tref je iemand die stil is, dan ben je zelf geneigd om meer te gaan praten. Op de nabijheidsas zie je juist dat gedrag wordt overgenomen: wij-gedrag roept wij-gedrag op, en ik-gedrag ik-gedrag. Als iemand zich meewerkend opstelt, zal de ander ook geneigd zijn om mee te werken.

Wat heb je eraan?
Allereerst wordt duidelijk waarom het met bepaalde mensen niet klikt, en wat ons eigen aandeel daarin is. Ook valt uit het model makkelijk af te leiden hoe lastige interacties zijn te veranderen.

Hoe gebruik je het?

Gedrag dat horizontaal naast elkaar staat, heeft een constructieve invloed op elkaar. Wil je iemand positief beïnvloeden, kies dan voor gedrag dat even dominant is en aan de andere kant van de verticale lijn zit. Door de rol van de behulpzame good guy te spelen, wordt een AANVALLER automatisch meewerkender. Als je je opstandig opstelt door een kritische opmerking te maken (‘Op deze manier komen we niet waar we zijn willen’), stimuleer je de ONDERSTEUNER  die vooral bezig is een goede sfeer te creëren en niet bezig is met zijn taak, om aan het werk te gaan.  En erger je je aan de collega die nooit iets zegt, stel je dan op als VOLGER. Dat nodigt de stille uit om met een voorstel te komen. Niet elke rol zal iedereen even goed liggen, maar hoe vaker je ermee oefent, hoe makkelijker het je afgaat en hoe beter je met ‘lastige’ types kunt omgaan…   

Bron: Psychologie magazine – nr.6 - 2022

Aantal keer bekeken

134