The MEANING of LIFE is to FIND your GIFT.  The PURPOSE of LIFE is to GIVE it AWAY

Auteur: 

  • Pablo Picasso
EDDIS
22/03/24

Vrijdag PSYCHOLOGIE

EMOTIES

Emoties zijn niet te onderdrukken, hooguit te verbergen. Het krijgen van kippenvel is hiervan het ultieme bewijs. Dat we bij schrik of het voelen van kou kleine builtjes krijgen komt uit de tijd dat we nog een dikke vacht hadden. De vacht was door het samentrekken beter in staat om warmte vast te houden.

Tevens was kippenvel bedoeld om je groter te doen lijken. Je vacht zet uit en dat schrikt de vijand af, wat zeker heel handig was in geval van angst.

Voor nu kent de wetenschap de volgende zes basisemoties:

  1. Woede
  2. verdriet,
  3. vreugde,
  4. angst,
  5. verbazing en
  6. afschuw.

Daarnaast zijn ook de volgende vijftien erkend:

  1. Bewondering
  2. Jaloezie
  3. Afgunst
  4. Hoop
  5. Wanhoop
  6. Verwijt
  7. Liefde
  8. Trots
  9. Spijt
  10. Berouw
  11. Haat
  12. Schaamte
  13. Schuldgevoel
  14. Minachting
  15. Verveling

Het verschil tussen gevoelens en emoties?

Gevoelens en emoties zijn nauw verwante concepten, maar ze hebben enkele belangrijke verschillen:

Gevoelens:

  • Cognitieve interpretatie: Gevoelens zijn meer gerelateerd aan onze cognitieve interpretatie van emoties. Ze ontstaan door onze gedachten en overtuigingen over wat we ervaren.
  • Langduriger: Gevoelens zijn vaak langduriger dan emoties. Ze kunnen dagen, weken of zelfs langer aanhouden.
  • Complexer: Gevoelens zijn complexer en kunnen meerdere emoties bevatten. Bijvoorbeeld, je kunt je tegelijkertijd verdrietig en dankbaar voelen.

Gevoel is een intellectuele invulling van wat er om ons heen gebeurt. We bedenken het zelf. Een gevoel hoeft je gedrag niet te beïnvloeden en is dus ook niet altijd zichtbaar.

Emoties:

  • Fysiologische reacties: Emoties zijn direct gerelateerd aan fysiologische veranderingen in ons lichaam. Ze omvatten zaken als hartslag, ademhaling, zweten en spierspanning.
  • Kortdurend: Emoties zijn vaak kortdurend en kunnen snel veranderen. Bijvoorbeeld, je kunt van blijheid naar verdriet gaan binnen enkele minuten.
  • Specifieke triggers: Emoties worden vaak veroorzaakt door specifieke gebeurtenissen, situaties of prikkels.

Een emotie is een reactie van het lichaam en niet te sturen. Een emotie kun je niet onderdrukken en is vrijwel altijd zichtbaar.

In het kort: emoties zijn de directe, fysiologische reacties op prikkels, terwijl gevoelens de cognitieve interpretatie en langdurige ervaring van die emoties zijn.

Weet je niet goed wat het met je doet? Hier zijn enkele non-verbale signalen die vaak geassocieerd worden met verschillende emoties:

Woede:

  • Gespannen gezichtsspieren en gefronste wenkbrauwen.
  • Gebalde vuisten en een harde blik.

Verdriet:

  • Hangende schouders en neergeslagen ogen.
  • Trillende lippen en een gebroken blik.

Vreugde:

  • Een brede glimlach en opgetrokken wenkbrauwen.
  • Sprankelende ogen en een ontspannen lichaamshouding.

Angst:

  • Wijde ogen en een open mond.
  • Terugdeinzen en een snelle ademhaling.

Verbazing:

  • Opengesperde ogen en een verbaasde blik.
  • Handen naar het gezicht brengen.

Afschuw:

  • Een afkeurende frons en een terugtrekkende beweging.
  • Een grimas op het gezicht.

Bewondering:

  • Grote ogen en een open mond.
  • Een ontspannen lichaamshouding.

Jaloezie:

  • Intense blikken naar een ander persoon.
  • Gespannen gezichtsuitdrukking.

Afgunst:

  • Vergelijkbare signalen als jaloezie, maar met meer negatieve energie.

Hoop:

  • Opgeheven hoofd en een glimlach.
  • Lichtere oogopslag.

Wanhoop:

  • Hangende schouders en een neergeslagen blik.
  • Diepe zuchten.

Verwijt:

  • Wijzende vinger of opgeheven wenkbrauwen.
  • Strakke lippen.

Liefde:

  • Zachte blik in de ogen.
  • Een glimlach en ontspannen gezichtsspieren.

Trots:

  • Rechte houding en opgeheven kin.
  • Brede glimlach.

Spijt:

  • Gebogen schouders en neergeslagen ogen.
  • Handen voor het gezicht.

Berouw:

  • Vergelijkbaar met spijt, maar met meer intensiteit.

Haat:

  • Gespannen gezichtsspieren en gefronste wenkbrauwen.
  • Intense blik.

Schaamte:

  • Blozen en vermijden van oogcontact.
  • Gebogen houding.

Schuldgevoel:

  • Vergelijkbaar met schaamte, maar met meer innerlijke onrust.

Minachting:

  • Opgetrokken mondhoeken en een afkeurende blik.
  • Een lichte frons.

Verveling:

  • Zware oogleden en een afwezige blik.
  • Gapen.

Onthoud dat non-verbale signalen contextafhankelijk zijn en dat individuele verschillen bestaan. Wat voor de ene persoon als woede wordt geïnterpreteerd, kan voor een ander iets anders betekenen

Aantal keer bekeken

230